Na ons bezoek aan Hanavave op Fatu Hiva zijn we vertrokken voor een dagoversteek naar ons als eerste aangedane eiland Hiva Oa, maar dan aan de achterkant deze keer (NE) , in een niet beschutte baai Pouamau. Niet beschut wil zeggen dat de wind en de golven normaal recht de baai inkomen, en een gevaar vormen om de boot op het strand en de rotsen te drijven. Maar nu waren de weersvoorspellingen zeer goed voor de komende dagen, en daarom lagen we in een grote maar anders verlaten baai zonder wind, en met weinig deining.
Tiki site Me’ae Te i’ipona op Hiva Oa
We bezochten hier de meest gekende Tiki beelden van de markiezen. Na een korte wandeling door de enige straat van het dorp kwamen we op een gemaaid stuk grond langs de weg, waarop de beelden stonden. Op ons na was er niemand, en we genoten van de invloed van de geesten op deze plek. We schudden twee pompelmoezen uit een boom en aten deze heerlijke dorstlessende vruchten op. Kort daarna kwam er een ruiter het pad op en we volgden hem naar zijn ‘werk’: in de kokos plantage haalde hij kokosvlees vanuit de noten, en nam het in zakken mee naar huis om te laten drogen. Na een drietal dagen heeft hij Copra, wat hij verkoopt als inkomen.
Cocos vlees uithalen om gedroogd als copra te verkopen
We gingen met hem mee tot bij zijn huis, waar hij wat andere vruchten uit de bomen haalde: pompelmoezen, twee zuurzakken , citroenen, karambollen (sterfruit), een tros bananen en veel pommes cither. In ruil gaf ik hem wat benzine en namen we hem mee met zijn vriendin, kindje en neefje naar de boot. De kinderen en zijn vrouw hadden nog nooit op een zeilschip gezeten en vonden het geweldig. (Tot de kleinste er grijs begon uit te zien, en we hen allemaal terug naar de kant brachten voor ze echt zeeziek werden).
Sevrin en Lisa, zoontje en neefje op de boot
De volgende dag zijn we verhuist naar de baai ernaast, die wel beschut is: Hanaipa baai. Onderweg merkte Ilse een raar geluid, nl de waterpomp was continu aan het werken. Het bleek dat er een lek was waardoor onze 600L voorraad zoet water in de bilge (onderste deel van de boot) gepompt was. Ik heb de electriciteit van de pomp afgelegd, en eens we geankerd waren, gekeken wat er aan de hand was: een darm was losgekomen waardoor het water onder druk zich een weg zocht naar buiten. Om de darm terug en beter te bevestigen heb ik wel de pomp met drukvat moeten demonteren, maar het viel allemaal best mee. Na een halve dag sleutelen konden we terug water maken om onze voorraad aan te vullen.
De waterpomp, met achteraan de losgekomen aansluiting
We hebben wel nog een ander probleem dat we hopen op onze volgende stopplaats op te lossen: onze batterijen worden niet goed meer opgeladen, meer hierover verder.
We hebben nog een mooie wandeling genaakt in de dorpsstraat: vanaan het strand gaat de betonbaan omhoog de de vallei in. Er is maar een straat, en ze is fotogeniek. Het valt op dat de Markiezanen veel werk maken om hun tuin en buurt mooi te onderhouden. Elke morgen zien we talloze rookkolommen die aangeven dat er bladeren worden verbrand (Hier mag dit nog). Ook in de palmboom bossen wordt de grond opgeruimd en gemaaid, kwestie van de kokosnoten gemakkelijk te vinden, maar toch wel een stevige karwei.
Stefaantje zag eens pompelmoezen liggen, als peren zo grootDe hoofd- en tevens enige weg van het dorp
Na een paar dagen zijn we dan s’avonds om 18:00 uur vertrokken voor een nachttocht naar ons volgende eiland: Nuku Hiva, zo een 80Nm weg. Er was geen maan en dus was het varen in het donker, gelukkig met een matige golfslag en een eerder stevige wind. We waren daarom sneller dan verwacht bij het eiland Nuku Hiva, zo rond 9:00 uur s’ochtends. Onze eerste meerplaats, de Taiohae baai, is zeer groot en er liggen slechts een twintigtal boten (dus geen nood voor een hekanker ;-). Ik had via email een afspraak gemaakt met Kevin van Nuku Hiva yacht services, en hij is de volgende dag gekomen naar de boot om de problemen met onze batterijen mee na te kijken.
Opgelet, technisch stuk komt eraan. Ik had mijn huiswerk goed gemaakt, en wist waar alles lag, had alle handleidingen nog eens gelezen, en had de batterijen nagemeten. Na een uurtje stelde ik vast dat Kevin mijn mening deelde: de originele dubbele Lagoon batterijladers waren de boosdoeners. De ene werkte niet meer, en de andere sloeg om de haverklap af om daarna terug tot leven te komen. Geen wonder dat het zo lang duurde om de batterijen te laden met de generator: we hadden slechts een rendement van 30%. Gelukkig zit er reeds een Mastervolt combi inverter-lader op de boot die tot nu toe enkel voor inverter gebruikt werd. Dus heb ik de leiding van de Lagoon lader verlegd van het motorcompartiment naar onder het bezoekersbed. Dat klinkt gemakkelijker gezegd dan gedaan, want om in de technische holle ruimte van de boot te geraken heb ik de kast van de ex-ijsmaker moeten uithalen, en om een draad uit een bundel te halen van zo een 50-tal andere draden loopt het zweet gauw van het lijf. (Zeker bij 30 C) Maar de aanhouder wint, en het resultaat maakte me blij: alles werkte zoals verwacht. Ook heb ik een aantal aansluitingen aan de batterijen veranderd, zodat de batterij-uitlezer (shunt) nu correct registreerd. Dit was een probleem dat er al was van de vorige eigenaar en zorgde dat de batterij uitlezer nooit correcte informatie gaf over hoeveel capaciteit er verbruikt was, en hoeveel de batterij geladen was. Ik ben dus een gelukkige jongen: problemen verholpen, extra mogelijkheden bij, en dit alles voor bijna geen geld (75 $ experten advies), want mijn tijd en werk reken ik niet aan…
tijdelijk kast van de ex-ijsmaker verwijderd om toegang te hebben tot technische ruimteDe batterijen met erboven de groene shunt (uitlezer van verbruik)
Dus nu zijn we klaar om morgen te gaan tanken, en dan vertrekken we naar een nabijgelegen baai der koningen, alwaar ons een der mooiste watervallen van de wereld staat te wachten (allez, volgens de boekskes)
We zijn onderweg naar het eiland Fatu Hiva , zo een 60 nm ver weg, of met de huidige wind en golven zo een 10 uur varen. We zijn deze morgen om 7:00 vertrokken en hopelijk geraken we er voor het donker. Het zou een heel mooie ankerplaats moeten zijn, met indrukwekkende steile rotswanden. Dit was het eerste eiland dat we tegenkwamen na de Galapagos, maar we hebben het aan bakboord laten liggen omdat we er niet konden inchecken, nu moeten we dus scherp aan de wind ernaartoe varen, langzaam met veel bokkensprongen van Sanuk vanwege de golven van ik schat zo een 3 meter die van linksvoor komen.
We hebben ondertussen al wat van de Markiezen gezien. Na een Desastreuze nacht in de Atuona baai op Hiva Oa vanwege ons stern anker dat we niet vertrouwden en daarom om het uur nakeken zijn we naar het nabij gelegen Tahuata gevaren waar er prachtige baaien en stranden waren. Tot gisteren lagen We voor het dorp vaitapu, waar het lastig aan land komen is. Er is geen haven en door de grote golven moeten we flipper aan een boeitje weg van de kade leggen, dus ik zet Ilse af, speel alles behalve mijn onderbroek uit, vaar naar een meerboeitje, leg flipper vast en zwem terug naar de kade. (In omgekeerde volgorde bij het vertrekken) We hebben hier ook de bevolking een beetje leren kennen, en we waren uitgenodigd op het dorpsfeest voor de feestelijke inzegening van de nieuwe polyvalente sportzaal. Daarna was er een feestmaaltijd voor de president van frans polynesie (!) met zijn gevolg (een 20 tal) en het gewone volk. Er waren 6 varkens gekookt in een zand oven en veel ander lekkers. Ik herkende een stoofpotje van inktvis met kokosmelk, geitestoofpot, kip en vele vruchten geleien met kokos. Er waren zo een 80 tal mensen van het dorp, en iedereen bediende zich en at met zijn handen. Ik voelde me direct thuis. Er was wel geen bier, laat staan Orvelo, wegens te duur. We moesten het stellen met limonade. De plaats was idyllisch, aan het keienstrand met woest brekende golven onder een warme zon. Waar dit in België tot in de vroege uurtjes zou geduurd hebben, was het hier evenwel na een uurtje of twee gedaan. We spraken af met twee families om de volgende dag, na de mis, eens langs te gaan.
De mis was kort maar mooi met gezang en teksten in het markesisch, een bizar taaltje dat me wat doet denken aan de ‘pe-ta-paal’ van mijn jeugd, een zelf verzonnen taaltje waarbij je na elke klinker deze herhaald, voorafgegaan door een’ p’. Gepesnapapt?
Frans is hier de tweede taal en iedereen kent dit, al moeten ze soms wel eens nadenken voor ze het juiste woord vinden. Dus na de mis zijn we bij Nathalie gegaan, om eens naar haar wasmachine te kijken, deze was gestopt met werken. (Er wordt gekocht in Haïti, het komt met de boot aan, maar er is geen dienst na verloop op de eilanden, zelfs geen electrieker) Ik had de motor kunnen vervangen uit een oud wisselstukken exemplaar, maar het mocht niet baten, de trommel draaide slechts in één richting. Waarschijnlijk de condensator die ook stuk was? We aten nog wat kip van het feest van de vorige dag, en Nathalie vertelde wat van het leven in het dorp. Niet gemakkelijk, want geen werk te vinden op het eiland. Het huis was in elk geval niets van luxe, geen bril op de wc, douche werkte niet meer, zeer rommelig, niet proper, anders dat wat men er zich van buitenaf zou van voorstellen. Nathalie was moeder van 8 kinderen, zag er 65 jaar uit maar had de gezegende leeftijd van… 55. De meeste van haar kinderen woonden in Papeete, maar hadden geen werk, drie zonen zaten in het Franse leger. Ilse en ik hebben er toch eens bij stilgestaan hoe goed wij (en bij uitbreiding de Belgen) het wel hebben. De meeste mensen verdienen geld op de eilanden door de verkoop van gedroogd kokos vlees (copra) en Moni vruchten voor gebruik in de cosmetische sector. Elk stuk land is eigendom van een familie, en om beurten kan een gezin oogsten. Ook vissen is een bron van inkomen en voedsel, en soms koopt een toerist eens een kunstwerkje. Ze maken hier mooie gesculpteerde beeldjes uit hout en beenderen, versierde wandelstokken, speren en roeispanen. Ook sieraden met kleurrijke bessen.
Bij wet mag een buitenlander geen grond bezitten. Daaraan is dus geen gebrek voor Markiezanen want op het eiland van 20 km2 woonden maar 600 mensen. Qua wilde dieren zijn er hier wilde varkens, geiten en paarden waarop er al eens gejaagd wordt. Qua huisdieren de alomtegenwoordige magere hond, zeer weinig poezen. We zagen ook graatmagere varkens en geitjes in een weide, en de occasionele koe en stier.
Ik heb hier 15l benzine geruild voor fruit: 2 takken bananen met elk zo een 10 trossen aan, 15 reuze pompelmoezen, 3 appelsienen, 2 kokosnoten, één kleine ananas. We hebben veel bananenbrood gemaakt, nog meer rauwe bananen gegeten, veel bananen weggegeven,en nu zijn we er een 20 tal aan het drogen in de zon. Ik heb er deze morgen nog een dertig tal overrijpe in de zee gekieperd… Moeke zal wat doen als ze dit leest!
Ach ja nog een weetje, het loopt overal vol van de kippen, maar momenteel kunnen we nergens eieren vinden… Als de vrachtboot in de haven loopt, is het de volgende dag overvloed in de winkel: we hebben terug aardappelen, ajuin, wortelen en diepvriesgroenten ( ingevoerd vanuit… Ardooie)
Ondertussen is het 12:30 en zegt de gps dat we rond 17:00 uur zouden moeten aankomen. We hebben een pakje mee van Valentine voor Joëlle in het dorp, een zakje met bloemenknoppen waarmee ze bloemenkransen maken.
En tenslotte als uitsmijter. We zijn niet zeker van het uur hier in de Markiezen, we waren te vroeg voor de mis, en we twijfelen in welke uurzone we zitten. Alhoewel Ilse haar uurwerk blijft dragen (omdat ik niet georganiseerd ben zegt ze), staat het dus wellicht verkeerd…
Ps, bij het overlopen van de e-mails zag ik dat een van mijn laatste blog posts een verkeerd e-mail adres had. Dus weten jullie niet dat we ons oranje super zeil voor wind vanachter moeten missen: we gingen gezapig door op een niet al te hobbelige zee met een matige 10 knopen wind, tot we tot ons afgrijzen en scheurend geluid hoorden. Ons oranje zeil hing in twee stukken: één helft nog aan de mast, de andere helft aan de schoot. Dit zal een serieus werkje worden voor een zeilmaker in Tahiti. Vandaar dat we de twee laatste dagen niet meer recht op ons doel afgingen maar zijn beginnen zwalpen… We weten nog niet waarom het zeil gescheurd is, misschien te veel stress gezet bij het oprollen?
We zijn aangekomen in de markiezen eilanden, meer bepaald in de baai van het dorpje Atuona op het eiland Hiva Oa. Het was nog spannend op het einde, want het werd pas op de laatste dag op zee mogelijk om te zien dat we met daglicht nog ons doel zouden bereiken, indien de wind sterk bleef waaien, en dan nog zou het naar zonsondergang toe gaan. Het alternatief was om de snelheid zo sterk mogelijk te minderen en een nachtje langer op zee te blijven en pas de volgende ochtend de baai binnen te lopen. We besloten om alle zeilen bij te zetten en ook de motor mee te laten helpen. Het is gelukt, net bij zonsondergang liepen we de baai binnen, waar nog een 20 tal andere zeilboten lagen. Dus hebben we ons net buiten de baai geankerd, geslapen op een ietwat wiebelende boot, en de volgende morgen ons verlegd in de beschutte baai zelf. Het was de eerste keer in 22 nachten dat we naast elkaar in bed lagen (om te slapen 😃) en dat was leuk! Na het herankeren zijn we per auto stop naar de gendarmerie geweest (het dorp ligt zo een km of 3 van de baai), waar we op 15 minuten terug buiten waren: 1 blad invullen en paspoorten afgeven waren goed om onze boot 1,5 jaar hier te laten, en wijzelf zo lang we willen (maar we mogen hier niet werken) kost: 0 Xpf (frans polynesian franc 100xpf =0,8€), een verademing na de dure papperasserie van Panama en Ecuador. Maar voor de rest is alles hier wel duur, vb 339xpf voor 6 kiri kaasjes. Enfin, dat wisten we op voorhand, en gelukkig is er hier veel meer keus dan in Ecuador. Maar pas in Tahiti wacht ons een echte Carrefour, nu moeten we het nog stellen met de profi’s. Het was trouwens tijd dat we er waren: de eieren, koffie, aardappelen, wc papier, afwasmiddel, boter, koekjes waren op…
Gelukkig dat we in de winkel onze cc konden gebruiken, want we hebben nog geen geld kunnen afhalen bij de atm, onze 2 kaarten gaven een fout, vandaag proberen we opnieuw bij een andere atm, en met onze andere kaarten als backup.
Ook was het de eerste keer dat ik een tweede anker moest gebruiken om onze draaicirkel te beperken: met flipper varen we achter de boot en gooien een anker met een korte ketting en een lang touw uit, die we dan achteraan de boot vastmaken. Zo kunnen er meer boten in een kleine baai liggen. Het was mijn eerste keer dat ik dit stern anker techniek gebruikte, en ik zal het geweten hebben want eerst hield het anker niet want het bleek op een ijzeren plaat te liggen ipv in zand, en toen het wel goed vast lag in het ondiepe gedeelte van de baai (2m), is het touw deze morgen om 7 uur geknapt. Gans de nacht was alles vlot verlopen en gaf de iPad app’anker alarm’ aan dat we mooi bleven liggen op onze plaats, tot ik dus deze morgen een geluid hoorde alsof er een boomstam tegen de boot was gebotst, aan dek gekomen kon ik echter niets vinden, tot mijn oog viel op het einde ankertouw dat nog aan de boot haak bengelde. Dat was de oorzaak van het geluid! Dus ik snel in onze flipper, naar de boei die de plaats van ons anker aangaf, en het touw opgedoken. Terug aan elkaar geknoopt en we liggen weer vredig in de baai… Weer een ervaring rijker alhoewel ik nog niet zeker ben waarom het geknapt is, na overleg met mijn buren, een Deens koppel en een Nieuw Zeelander denk ik dat ik het touw te strak had gespannen. De boot moet blijkbaar een beetje kunnen bewegen. We zullen zien.
Internet is hier blijkbaar een ramp, we hebben nog niets gevonden waar we onze mail kunnen ophalen of een fotootje kunnen uploaden. Vandaag gaan we terug op zoek in het dorp.
Ok, we zijn net terug van het dorp, en het internet was nergens te vinden. Het zal tot in de tuamotos of de genootschapseilanden wachten worden vooraleer we een foto kunnen oploaden naar de blog, of onze emails lezen. (Enkel sanuk@decuypere.org kunnen we altijd via satteliet zelf downloaden)
Ook geld afhalen via onze gebruikelijke credit cards zal moeten wachten tot we internet connectie hebben en eens met de bank kunnen overleggen. Maar we trekken onze plan wel.
In grote lijnen ziet ons bezoekplan van de Markiezeneilanden er als volgt uit: eerst Puamau baai nog op HIva Oa, dan gaan we naar Fatu Hiva, daarna Tahuata, gevolgd door Ua Huka, Nuku Hiva en Ua Pou. Daarna, en dat is waarschijnlijk rond begin Juli vertrekken we naar de Tuamotos.
Maar vandaag en tot dinsdag zijn we dus in Hiva Oa, en we hebben het graf van Jaques Brel en Paul Gaugin bezocht op het lokale kerkhof. Beiden zijn hier gestorven (Respectievelijk in 1978 en 1903) en dat mochten we niet missen. Verder is hier in het dorp niet veel meer te zien, de natuur is heel groen, de bergen ruw en steil, de mensen nogal gesloten. Zoals reeds vermeld gaan we dinsdag morgen vroeg vetrekken naar de andere kant van het eiland, om de reuze tiki beelden te gaan bekijken. Dat zal misschien wat vechten tegen de wind worden, maar het zou de moeite moeten lonen.
Het weer is hier wisselvallig, vannacht en deze morgen was het aan het gieten, ik heb van de gelegenheid gebruik gemaakt om de romp van de boot te kuisen, het was nodig want tijdens de overtocht hadden zich gooseneck barnacles (ganzenek mossels) aan de romp vastgehec5ht juist boven de waterlijn, en nu waren ze aan het groeien geslagen. Maar niet voor lang dus. Het water was warmer dan de regen, en met een plastieken steekmes en een stijve borstel heb ik ze van de romp kunnen verwijderen. Grappig, ze zien eruit als groene spermazotoieden, een klein zwart kopje met een lange groene staart. Maar wel hardnekkige kereltjes…
De ankerplaats in de baai is dan weer niet zo goed voor het hart, telkens we terugkomen van een wandeling naar het dorp vinden we dat we te dicht liggen bij een buur, deze avond rond 16:30 hebben we nog maar eens geherankerd en meer ketting gestoken. We vonden dat we te dicht bij onze Deense achterbuur lagen. Sindsdien zijn we continu bezig met inschatten van afstanden telkens als de wind draait. En nu het donker geworden is, is dit nog moeilijker. Hopelijk moeten we deze nacht niet in allerijl beginnen met heranker manouvres uit te voeren. Enfin, ik hou jullie op de hoogte.
Alles verloopt hier zijn relaxe gangetje, het gespreksonderwerp van de dag is meestal wat we gaan klaarmaken voor t’eten. Niet dat we geen diepzinnige gesprekken hebben waarin we het europees vluchtelingenprobleem oplossen, of hoe we de stakingen zouden afwenden, maar eten is toch een belangrijk gegeven in ons dagelijks doen en laten.
We doen: veel lezen, veel filmpjes kijken (s’nachts, want het scherm van de laptop kan niet concurreren met het tropische zonlicht), veel naar muziek luisteren, vanop ons terras eens kijken hoe het zit met onzen hof (wateroverlast), een puzzelke leggen (2000 stukjes), spelletjes spelen (cribbage), mijn informatie op de computer ivm zeilen die ik de voorbije 8 jaar heb gesprokkeld eens ordenen/overlopen, blogs van andere cruisers lezen (offline gedownload of boek), email checken (stuur maar!), zonnebaden, van zeil wisselen of voor de nacht op kleinere stand zetten, bijslapen, plannen van wat we gaan bezoeken
Wat laten of doen weinig: kuisen, ons opmaken (mijn haar goedleggen of baard afdoen), ons vervelen
We zitten in een mooi ritme waar de dag verbazend snel voorbij gaat. Om de drie uur schrijven we onze positie en windgegevens op in het logboek en we zijn over halfweg. Het weer voor de volgende dagen ziet er gemengd uit, een zachte wind van 15 knopen, maar een hardere windzone komt opzetten vanuit het zuiden. Benieuwd of we die gaan kunnen gebruiken. Er is een toffe site die het weer zeer aanschouwelijk voorstelt, je moet eens kijken als je internet hebt 🙂 www.windyty.com Gisteren hebben we in de verte een marineschip gezien, en vandaag hebben we een regenbuitje over ons laten gaan. Ik versta dat we daarin niet veel verschillen van belgie, alhoewel ik het meemaak in mijn ondergoed. Het blijft constant rond de 29 graden hier, en gelukkig minder vochtig dan in de Galapagos.
Ilse vindt het slapen het moeilijkst: in 3 uur kan je niet echt in een diepe slaap geraken, en 6 uur per nacht is voor haar niet genoeg. In de namiddag doet ze dan een siestatje. Ik heb raar maar waar genoeg aan de zes uur. Overdag lig ik meestal wakker in bed als ik het toch eens probeer. Nu ja, we doen natuurlijk geen grote inspanningen hier: van de living naar het stuur of de wc/bed is elk drie trappen. Wel hadden we de laatste dagen redelijk woelige zee, wat ons evenwicht continu verstoorde. Je kon niet rondlopen zonder je vast te houden.
Ik hoor van Pascale dat de vuile brakees Limburg aan het onveilig maken zijn dit weekend, en moet bekennen dat ik dat wel mis, de zondag zo eens een uurtje of twee alles geven. Maar ik denk dat we dit zullen kunnen goedmaken in De markiezen eilanden, want het is daar een echt wandelparadijs schijnt het.
Tot zover het nieuws vanop het midden van de oceaan.
Wednesday, May 25th, we have left the Galapagos not quite 8 days ago and we have traveled 1046 NM on the pacific ocean. A little less than 2000 NM more to go. We have had some picture perfect sailing days with blue skies surrounded by deep blue water and a nice wind of 17 KTS which put us on a broad reach, among waves of about 9 feet (3 M).
Sometimes it feels like we are on a flying carpet, with winds of 17-20 KTS and sometimes it is like we are sitting on a rocking horse when winds die down into the low teens.
We have now settled into a routine, where I do the last shift of the night from 3 AM till 6 AM and while I am sleeping Stefan gets the boat ready for the day. I usually get up by 9.30 and then we have breakfast, where we decide what to eat for dinner. We have dinner at 3-4 PM because then it is still light out and much easier to cook and watch the boat and sails at the same time. In the evening we only eat a little snack. We are missing some physical challenges, like a walk or bycicle tour. The only physical challange we have on board is trying not to fall down, so we have to hold on or stand up with our legs spread out.
During the day we read, cook, sleep a little more, adjust the sails when needed, play rummycub, Stefan made a puzzle of 1000 pieces, and make plans for the future. We caught already 3 small tunas. We only put out a line when all the fish we caught has been eaten. In the evening we watch a movie or series. We are currently watching “An American Crime Story”, the OJ Simpson story. Really good and incredible how this unfolds. During my watch from 9 PM till 12 PM I watch “The Good Wife” (season 6) or a movie. From 3 AM till 6 AM I try to catch a little sleep during my 20 minute intervals which is sometimes frustrating since you cannot really fall into a deep sleep. We have only seen 4 other boats from afar during our trip so far. I long for a full night sleep, but we have still 14 more days to go (at least).
At 105 degrees West we had to turn back our clock one hour and we will have to do this again at 120 degrees and at 135 degrees West.
The first island on the Marquesas we are sailing to is Hiva Oa, the island where Jacques Brel and Paul Gauguin are burried. Apparently the Marquesas are gorgeous !
You can always send us text email (no attachments) while we are on the Pacific to: sanuk@decuypere.org.
Na ons bezoek aan Quito, regenachtig en bewogen vanwege mijn iPhone die verdwenen is, trokken we verder naar het zuidelijker gelegen Banos. Dit is een stadje gelegen naast een rivier tussen twee bergketens. We logeerden in een leuk hotel (Floresta Hotel) en alles is op wandelafstand. Toen we op het marktplein met elkaar aan het praten waren, werden we aangesproken door een vlaams koppel Roos en Eddy (wonende te Asper) die van hun pensioen/vakantie genoten door verre reizen te maken. We praatten wat bij in een koffiehuis en het klikte meteen. We hebben samen met hen een wandeling gemaakt naar een waterval, maar dat bleek uiteindelijk meer een wateruitschuiver te zijn, zo ongeveer een meter hoog. Wel veel debiet, dat wel. Maar het plezier zat hem in de wandeling en de kompanie. Eddy, huisarts, kende zelfs onze buur Rik Joos (reumatoloog) van de Kerkkouterrede in Destelbergen. De wereld is klein!
De volgende dag zijn we vertrokken met de bus voor een vierdaagse reis in het Amazonegebied. Dat was niet goedkoop en een beetje een gok, maar we wouden iets buiten het gewone, dus werd het een trip met een kano en alles nodig om vier dagen (drie nachten) te kamperen in de jungle. Ons vertrekpunt lag in Lago Agrio, en de voormiddag was besteed aan het klaarmaken van de boot, zijn bestuurders en het materiaal. Daarna vertrokken we in de lange kano, op de rivier die onze gezel zou blijven voor de volgende vier dagen, dit is namelijk de enige manier voor de mens om door het Amazonegebied te reizen: de vaste grond is dicht begroeid en wisselt af tussen moeras, modder, rivieren en vaste grond. Langs de rivier zie je ook relatief veel wilde dieren. De rivier is een snelstromend bruin water, variërend van 0,5 tot 8 meter diep, afhankelijk van de breedte. Waar het in het begin allemaal nogal nauw was, zo’n 5 meter, met op vele plaatsen boomstammen die op het oppervlak lagen en waar we overheen vaarden, veranderde dat steeds meer tot een wijde stroom waar zandbanken en ondieptes de zaak interessant hielden voor onze stuurman. Gelukkig had onze stevige polyester kano maar een 30 cm nodig om ergens overheen te geraken.
zicht op de kano vanuit het verlaten eco hotel.
We zagen apenfamilies, heel veel vogels met als uitschieters toucans (helaas niet van dichtbij), rivierdolfijnen (terug niet zo heel duidelijk, want ze vertikten het om eens uit het bruine water te springen), kleine schildpadjes, en riviervis. Op sommige plaatsen zitten er Piranhja’s, en je weet dat best vooraleer je een duik in de rivier neemt. Na onze eerste nacht in het oerwoud, voor het ontbijt sprong onze gids bij wijze van verfrissing even vanuit de kano in de rivier, en het viel me op dat hij bijzonder vlot en snel terug in de kano zat. Ik was net van plan om zijn voorbeeld te volgen, toen hij me twee schaafwondjes op zijn torso toonde, waar de super scherpe tanden van de piranjha’s een laagje vel hadden afgeschraapt. Blijkbaar had hij zich vergist van veilige zwemlocatie, en maar goed dat ik zijn voorbeeld niet gevolgd ben, want als je wat meer tijd nodig hebt om uit het water te geraken kan ik me inbeelden dat je er wat meer bij inschiet dan wat vel…
De tocht bracht ons langs mooie natuur en vele gemeenschappen van amazone indianen. Iedereen leeft langs de waterweg, en we hebben ook nog een tweetal dorpen bezocht. Deze gemeenschappen zijn voor een heel groot deel op zichzelf aangewezen: ze hebben eigen scholen en organiseren zelf het gemeenschapsleven. Het gaat er heel relax aan toe, en het valt op hoeveel kinderen er zijn. Naast het telen van landbouwproducten voor eigen gebruik (bananen, yuka wortelen, mais) drogen ze ook cacao bonen om te verkopen. De vrouwen maken ook sieraden die ze zelf dragen en ook doorverkopen op de markt, zowel aan Ecuadorianen als aan buitenlanders. Toch kan je er niet naast kijken dat er geen hoge levensstandaard is, we aten in een huis van een familie die afwezig was, en dan zie je dat het huis enkel bestaat uit een houten platform ongeveer een meter boven de grond, met daarboven een bananenbladeren dak. Sommige vertrekken hebben een houten muur (keuken en kamer), maar de living is open aan alle zijden. Van een kastje of een deur is geen sprake. Onder het platform leven de honden en eenden. De kippen lopen vrij rond in het huis…
En af en toe kwamen we ook mislukte projecten tegen. Zo zagen we een leegstaande nieuwe school en een eco hotel dat ingepakt was, wachtend op toeristen. Een foutje bij de inschatting van de bereidheid van toeristen om ver in de jungle te reizen.
We hebben ook een wandeling gemaakt van een tweetal uren in het oerwoud vertrekkend van de stroom via een uitgehouwen pad op vaste grond tot aan een groot meer. Je hoort heel veel, maar de dieren zijn meesters in het zich verschuilen. Soms kom je wel langs oorverdovende zagerijen: krekels die samen om ter luidst hun boodschap verkondigen.
Deze tocht was interessant, maar toch niet zonder zijn negatieve kanten. Om andere reizigers een goed idee te geven van wat ze kopen voor hun geld, heb ik een uitgebreid engelstalig verslag geschreven dat je hier kan lezen. Opgelet, het benadrukt nogal de negatieve kanten om als waarschuwing over de organisatie voor anderen te dienen , alhoewel waarheidsgetrouw hebben we ons meestal wel geamuseerd.
De met uitroeing bedreigde schilpadjes worden nu door de indianen gekweekt en beschermd.een typische woning/hut langs het waterde vergaderplaats in het dorp, met de open schuur erachter, waar we geslapen hebbenKevin, de gids in spe van het dorpDie vogel eet zoveel vis dat zijn bek niet meer toukan
Voor onze blog lezers: dit is een speciale blog die dienst doet als klachtenbrief
April 2016
Quick Summary:
My wife and myself had a bad experience that I wish to share so other people can avoid this. So:
Avoid Marco Polo Tours (marcopolotour.com) in Lago Agrio with owner Ivan LLori
Avoid Murillo Quiroz Freddy Rogelio (Freddy) of Extremos San Limites Aventur / Rutas Doradas Expeditiones in Banos
Freddy will sell you what you want to hear, at a commision and then be unavailable for backing up what he sold.
Ivan is not true to his word, overcharged us, and is not a pleasant person to have with you on a trip.
Wildlife along the rivermyself, Barry and Raoul. Ilse is taking the picture. We just finished dinner around the fire.Our camp, underneath the large plasic tarp are four tents for two persons.Our canou at the deserted hotel. Ivan is in the canou.
The long story:
My wife Ilse and myself, Stefan, wanted to see the Amazon and the indigenous people in a personal way, instead of being part of a
big group. While Ilse speaks relatively good spanish, I am an absolute beginner that has to use my French knowledge to try to understand the language.
So to us it was important to have an individual tour, and an english speaking guide. Further we wished to have a pleasant 4 day / 3 nights
travel experience in the amazon jungle, camping in tents along the way while visiting remote sites. We were willing to pay a correct premium price for this custom made trip.
We sat down with Freddy Rogelio of Extremos San Limites Aventur in Banos for a couple of hours, while he took us through the available options and confered with his organizer (Ivan LLori) in Lagro Agrio. Together, they proposed a 4 day tour that would take us to the Yasuni NP, where we would meet the indigenous people, at a cost of 1000 USD for the two of us.
Of this, we payed 300USD to Freddy up front.
This was to be an individual tour, with an english speaking licenced guide, and a crew of four other support people. The price was steep, but this was because of the expense involved in a private tour, where all the support material had to be carried along (tents, cooking material, food) in the boat.
We left the next evening on a night bus Banos-Lago Agrio, included in the trip. When we got to Lago Agrio at 5:30, we waited in the
bus station to be picked up, which happened after half an hour, since the bus was a bit early. We were taken by a woman,
(who turned out to be Ivan’s wife) and a cab driver to the office of Marco Polo Tours where we had to wait till 7:00 to get breakfast in a nearby hotel.
Strangely enough, the breakfast price was not included in the tour package. We found this odd, given the price we payed, and told the woman so. She said that was the way it was.
We stated very clearly to her (in spanish) that we were paying for a personal tour, with a licenced english speaking guide, and the woman confirmed this explitly (Si, no problemo). This turned out to be a complete and deliberate lie. Feeling a bit at unease by the initial experience, we asked if we could pay 500USD of the remaining sum of 700 USD before the start of the trip, and 200 USD at the end, but after calling back and forth between Ivan and his wife, this was not possible, since he had bought all the supplies already. Reluctantly, we payed the whole sum.
We had trouble with getting money from the ATM, but they were very helpful to let us call our US bank credit card helpline, and drove us to several ATMs in the city. In the end we were able to retrieve money from the ATM, and payed.
We squeezed in the back of the taxi truck with our backpacks, and two other persons, for what we thought was a short ride. In the front was the cab driver and Ivan’s daughter with a 20 week old baby (She turned out to be just hitching a ride, since we never saw her on the rest of the trip). In the back were Ilse, myself, our daypacks, Ivan’s wife and another person (!) Needless to say it was very cramped. The ride lasted an hour, with a stop at a gas station to fill two large diesel containers, and two short stops in town for something. It was sweltering hot in the truck, and we were very happy to get there, since we were cramped with our backpack on our knees.
When we arrived at the departure point we met our team. Well this is to say we saw a long canoe, with two persons on board. Everybody ignored us, which we found rude. A person in the canou was shouting orders to the other helpers as they were loading the canou with the stuff from the taxi truck.
Finally, as everything was loaded, the person in the canou said in Spanish: I am here to make sure that the others do everything correct, I cannot walk because of my leg injuries, but you will have no trouble from me. Since they failed to introduce themselves, we did so, and asked for everybody’s name. There was the handicapped man, Ivan, the canou driver Martin, the cook Maria, some silent person and the spanish speaking guide Javier, who assured us that his english speaking friend would come on board soon.
We left around 1 pm and left for a lodge where we would have lunch. Along the way, we enjoyed the beautiful nature and made frequent stops to identify and point out the wildlife. Just before our stop, the silent guy left the boat: it turned out we were giving him a ride to a lodge.
When we informed about what would happen that day, Ivan explained that it was impossible to go to the Yasuni NP with just 4 days, and that we would visit the Cuyabeno NP instead. When we explained that Freddy in Banos had promised us a circle tour, (I.e. not going out on a river and coming back the same way) Ivan did not agree and explained that the return leg would then be on the ‘petrol exploration’ river, where there was no wildlife to be seen. He proposed instead a special tour to Cuyabeno indiginous people with a visit to a shaman (village chief) and a drink of the indigenous special brew. He said that he would of course take us to wherever we wanted to go, since we were the paying guests (as if we had knowledge of where to go).
The lunch was simple but good, and after an hour we got back into the boat. Suddenly two more men with backpacks climbed in the canou, and I politedly inquired who they might be. They turned out to be two extra tourists, going along for the ride. After assuring the two men that this was not personal, I objected to Ivan, who said that it is impossible to do this tour with only two guests. I asked the new guys, Barry (from Australia) and Raoul (a biologist from Hunduras) how much they payed, and it was about half of the price we payed (But admittedly they did not have to pay an intermediate sales person). So here we were, in the middle of the jungle, the trip payed up, and an organiser who said (in spanish) “it is what it is”. Ilse and I decided to go along, and complain afterwards asking for a partial refund.
Luckily, Barry and Raoul turned out to be two friendly and interesting guys, who added to our enjoyement of the tour.
That evening, about an hour before nightfall, Ivan started looking for a place to camp. We found one, but after Javier had cleared the area with a machette, Ivan found it too small. So we searched for another site, and by the time they were ready to put up the tents, it was getting dark. The tents turned out to be a mix a four relatively new (10 years?) 2-person tents, and an old 4 person tent. None of the tents had a outside rainshield cover, one had a torn mosquito net, there were no pickets, and the fiberglass rods for the small tents had seen better days, as some were split from too much tension. To their credit, Martin and Javier did a good job of setting up the tents (it seemed to be their first time too), and put all the tents underneath a giant plastic sheet that they supported by sticks cut in the jungle. All of this happened under the ‘guidance’ from Ivan, who stayed in the canou while he helped Maria, the cook. I might add they finished in the pitch black.
We built a fire, and ate our dinner while sitting around the fire on the boat benches.
We slept ok, and the next morning awakened to sound of waterdrops on the plastic sheet. It turned out to be the remainder of rain and the dew that was dripping from the trees, making it sound worse that it actually was. This is the rain forest, after all.
The next morning, I saw that our guide took a dip in the murky brown river, and was in and out very quickly. I was just about to do the same when he stopped me. He showed me two bleeding skin patches on his torso, caused by hungry piranhia’s. I wisely took a cooking pot and got some water from the river to wash me instead…
That second day, we enjoyed the amazon jungle, and made frequent stops along the way to look at the wildlife (Birds, turtles, monkeys, dolphins. In the late afternoon, we visited a large indigenous community, and found that they had a covered raised platform, which would be ideal for the night. We asked Ivan if we could sleep there, and he made the necessary arrangements with the village chief.
Dinner was served on a nearby river sandbank, where we had the opportunity to swim, relax and learn how to fish like the locals. While Ivan, Maria, Martin stayed to sleep on the river island, we went to the village where Javier had pitched our tents on the platform. It was the end of a nice day.
The following morning, we waited till around 9am before Martin came with the canou to fetch us and the tents. Then it was back to the sandbank, where Maria still had to start the breakfast. There was no schedule to the days of Ivan, so it was always a wait and see thing.
After cleanup of the kitchen, we left for another nice day. The son of the village chief went with us, to guide us on a walk through the jungle. The canou dropped us off at the start of a path, and then went to the endpoint of the walk to pick us back up. The two hour walk was very nice, and showed us another side of the rainforest, from the ground instead of from a waterbound canou. Unfortunatly we did not see any wildlife, only heard the sounds of birds and monkeys.
The walk ended at a lake, where we took the canou to visit a nice but empty jungle hotel, that was all locked up. Sadly, this splendid accomodation, owned by the indigenous people, was too far of the beaten path to attract tourists, and so it was boarded up. After a while, we took the canou and left the lake through an overflow channel, which took us on a beautiful trip through dense vegetation. A tough job for Martin the driver (lifting the motor over many submerged branches) and Javier, guiding the long boat from the front, often by paddling the bow in the right direction. A highlight of the day!
We made one stop in another village, where we enjoyed a visit to the house of the village elder, who had a Capybari couple with a young in captivity, a parrot and a monkey. We bought some souvenirs and returned to Ivan, who as always remained in the canou (Because of his handicap which made it very difficult for him to walk)
The last night we spent on a wet sandbank, where we arrived a half hour before dark. You would think Ivan knows that he needed at least 1,5 hour to set up camp, but alas. It started raining, so Maria had to cook in the rain… Luckily it stopped soon after, and we were able to eat in the open, and not underneath the low ceiling of the plastic sheet. Ivan did not show himself that evening, and maybe that was good, because our patience with him was wearing thin. Lots and lots of promises, but little actual delivery. The visit to the shaman did not materialize, nor the indigenous drink. For example, we had lunch in a wooden house of an indigenous family along the water, but they were off to the jungle. We almost landed twice at a village, but turned away just before mooring because Ivan did not like it.
Ivan had suddenly revealed just before the last camp that there was a way to avoid the 8 hour return trip by canou along the same way, by taking a two hour bus ride (Ivan would still have to make the 8 hour canou ride). We said that was a good idea (why bring it up so late?) and would take that opportunity. The next morning, Ivan said we would have to take the long 8 hour ride anyway, since he was low on gas, and would not have enough to take us to the bus and then make the return trip himself. We rebeled, and told Ivan not to be such a cheap shot and buy some gas along the way, since every house has gas available.
Ivan did also not want to eat with an indigenous family, since they would expect him to share the food with them (and he wanted to avoid the expense of that)
All of this is a bit hard to stomach if you have payed a lot of money for the trip…
So on the last day, after our bus ride we arrived back around noon at the office in Lagro Agrio, where we picked up our luggage. Unfortunately for Barry, his backpack which was laying in the unprotected office had dissappeared. Probably because of a mixup with another group that had their luggage collected by a third person, but it goes to show that there was no adequate control in the office. I hope he got it back, since there we a lot of valuables in it. [Update: he emailed us that some other group had taken his backpack by mistake and was able to chase them down and recover his pack ]
We explained to Ivans wife that we wanted a refund of 200 USD pp, which would bring us in line with the price Barry and Raoul had payed, and she was sympathetic and confered by GSM with Ivan, on his way with the canou. We had to wait till Ivan showed up. Once he did, Ivan’s wife changed character and flatly denied that at the start of the trip she had confirmed that we were going on a private tour with an english speaking guide.
To make a long story short, Ivan blamed Freddy (the Banos seller), and Freddy blamed Ivan. Both said we had to resolve our issue with the other one.
I told Ivan and Freddy that my only recourse was to publish this on the internet, but that elicited no reaction. So that is exactly what I have done here.
Looking back on this adventure, don’t think that we did not have a good time. After all, the nature is splendid, the 3 support people made the best of the given situation and were very friendly, and Barry and Raoul turned out to be very nice people.
Our only quarrel was with Ivan as a person and an organiser, and the price of the trip.
In conclusion,
– Do not trust the sales guy Freddy in Banos, he is totally untrustworthy about knowing and delivering what he sells. Maybe he is ok with air rides, canyoning or waterfall visits, but clearly not multi day trips for which he uses Marco Polo Tours. When we got back to Banos, he was conveniently on a trip, and in order to talk with him, we had to buy the boys in the ‘office’ 2 USD cell minutes…
– Do not use the marco polo tours travel agency in Lago Agrio because Ivan is not a nice person to be around, is not a good organizer and overpromises and under delivers.
You can reach me on stefan@decuypere.org if you want more information. Please be advised that I am traveling and may not be able to answer right away.
2 mei 2016, Aankomst en bezoek aan SAN Christobal, Galapagos.
Wat ik op voorhand van onze reis nooit had gedacht is dat het onderhouden
van een blog met foto’s zo een moeilijke zaak zou worden. Ik typ dit nu op
mijn iPad, om straks door te sturen via de satteliet (Iridium Go). Nochtans
zie ik op onze WiFi router 75 access points staan, maar allemaal beveiligd.
Dus moeten we naar de kant om foto’s te uploaden en op het internet te
werken. Dat is op zich niet zo erg, ware het niet dat het allemaal tergend
langzaam verloopt, en je dus de gehele dag aan een tafeltje zit, drankje
drinken en wachten op het internet. Vandaar dat internet op de boot, ook al
is het traag, leuk is want je kan tenminste andere dingen doen, zoals
s’nachts slapen en smorgens opstaan met een vernieuwde blog.
Dus vrees ik dat het verslag van de Galapagos, en naar ik hoor ook de
Markiezen in Frans Polynesie karig zal zijn qua foto’s (en hun resolutie).
We liggen hier met 7 zeilboten in Puerto Baquerizo Moreno, op het eerste
van onze 3 eilanden, namelijk San Christobal. Het inchecken verliep
ongeloofelijk snel en vlot, na al de horror verhalen die we gehoord en
gelezen hadden. Ze hebben zelfs de bodem van de boot niet nagekeken op
aanwas (met een duiker en een go-pro camera), al hebben we daar natuurlijk
wel voor betaald. Een bootbezoekje aan de Galapagos is niet goedkoop: 1250
dollar voor een boot en twee personen, goed voor een verblijf tot 60 dagen.
Ze voeren hier een actieve ontradingspolitiek voor zeiljachten, door het
lastig en duur te maken, maar niet voor ons dus (het lastige dan toch).
Waarschijnlijk te danken aan onze ervaren agent, Bolivar Pesantes. We
hadden gehoord van zeiljachten die deel uitmaken van een groep (ARC), dat
ze voor een paar kleine schelpjes op de romp, tot 72 Nm terug in zee
moesten, een professionele duiker de romp laten kuisen en dan terug
inchecken (reken twee dagen en mucho dinero).
Gisteren hebben we de fietsjes en het aanhangwagentje vanop zolder gehaald,
voor een verkenningstocht op het eiland. Ongeveer 1/5 van het eiland is
voorzien van wegen, met een weg van de ene kant naar de andere. En wat een
weg: een ruime tweevaks baan met een gescheiden fietspad, ook met twee
rijstroken. Alles gloednieuw geasfalteerd. De overheid heeft hier geld! In
tegenstelling met wat je zou verwachtten is het eiland niet echt
verschillend van andere toeristische eilanden die we hebben aangedaan: een
klein stadje, vol met hotels en restaurants/cafetaria’s, en eens daarbuiten
een relatief ongerepte natuur (want geen landbouw). Met dit verschil dat er
overal zeeleeuwen liggen: op de dijk, op de zitbanken, op de boten, de
pontons, kortom overal. Je mag ze niet dichter dan twee meter benaderen, en
geloof me, ze weten het. Vanochtend ligt er eentje op ons zwemplatformpje
zijn eigen zelf te wezen, een beetje zoals een zatte chinees: luid boeren,
scheten laten, niezend, blazend,
geeuwend en af en toe eens grof blaffend. Ik moet bekennen dat ik dichter
dan twee meter ben geweest…
Dus zoals gezegd hebben we gisteren gefietst, via de prachtige stijgende
weg, tot aan een oude vulkaan gevuld met zoet water, een 15 km ver. We
hebben gezweet want zoals gewoonlijk zijn we vertrokken wanneer de zon het
hoogst staat, en het was klimmen van het begin tot het einde, ik schat zo
een 750 hoogtemeters. Onderweg nog eens een fruitsapje getankt in een
3-stratendorp El Progresso, en dan terug verder. Het resultaat was mooi,
een meer waar de majesteuze fregatvogels het zout van hun lijf kwamen doen,
een groep witte reigers (egrets) en een paar eenden, een slapend koppel
backpackers, en verder niets. Leuk, we hebben ervan genoten. Gelukkig was
de terugweg 99% bergaf, en hadden we mooie uitzichten op het ruwe
binnenland en de kust van dit eiland.
Onderweg zijn we gestopt in El Progresso om een hapje te eten in een lokaal
restaurant. Het was 16:00 uur, en ze hadden nog twee maaltijden,
gefrituurde kip en soep. Ilse nam de soep met kip, en ik de gefrituurde
kip. Wat een teleurstelling voor mij: koude frieten en ditto kip en een
klein beetje groen. Elk een pintje en een cola en het bedrag was 15$. Dit
was helaas geen uitzondering: het eten in Ecuador is duur en slecht. Dat
hadden we trouwens ook gisterenavond gemerkt bij het bestellen van een
koffie (6$): mierezoet en archi slecht. We kregen het niet binnen… maar
ze hadden wel WiFi.
s’ Avonds hebben we nog een paar uurtjes op een terrasje gezeten (zie
hoger) en dan naar de boot. Daar hebben we nog een heerlijke tas
pompoensoep van het huis gegeten en een filmpje gekeken (Me and Earl and
the dying girl, 2015) Mooi maar triestig. [ Nog van het internet geplukt op
het vasteland, vanaf nu zullen we moeten terugvallen op mijn gelukkig
uitgebreide collectie op schijf (+2400 stuks)]
Vandaag gaan we een wandeling maken naar een strand waar we kunnen zwemmen
met de zeeleeuwen, de neopreen pakken gaan mee, want het water is verdomd
koud hier, rechtstreeks aangevoerd van de zuidpool door de humbold stroming.
En morgen komt onze Meliena op bezoek, we kijken er echt naar uit.
Alles is hier in Cuenca ok, Ilse en ik hebben geen last gehad van de aardbeving. We zaten op restaurant de lokale specialiteit te verorberen (cavia aan ‘t spit) toen we de vloer voelden beven. Het bleef duren (40 seconden) en ik zei tegen Ilse: dit is een aardbeving, raar he. Aan de muur waren de schilderijen licht aan het schommelen, maar anders was er geen indicatie van de ernst van de aardbeving in de rest van het land. In Cuenca was er in elk geval op de korte weg van restaurant naar hotel niets speciaals te bespeuren.
Vandaag reizen we naar Guayaquil met de bus, als dit gaat. We gaan richting epicentrum, dus het kan zijn dat we onderweg wat problemen ondervinden. Geen nieuws van de boot, maar die ligt in een riviermondig, dus dat zal wel loslopen. Dinsdag zijn we weer op ons sanoekske. Meer nieuws dan.
Vandaag stond enkel een busreis naar Baños gepland van een drie tal uren bus, met een namiddag activiteit ter plaatse. Het liep echter anders.
We waren op weg naar het grote busstation met onze valiesjes en elk onze rugzak. Bij het instappen op de Metrobus was er wat volk, en onverklaarbaar werd er wat geduwd om op de bus te geraken. Toen ik mijn iPhone niet langer tegen mijn dijbeen voelde, viel mijn frank.
In een reflex greep ik de vrouw van een jaar of 30 vast die verantwoordelijk was geweest voor het geduw. Ik schreeuwde dat ik bestolen was, en stond schrijlings op de ingang zodat de bus niet kon vertrekken. Helaas was er op haar persoon of in haar tas geen iPhone te vinden, en moesten we de bus laten vertrekken. Met veel kabaal protesteerde de vrouw dat ik haar pols hard vasthield, maar ik was niet van plan om haar te laten gaan. Tegen de volgende halte was de transit politie gearriveerd, en konden we de feiten reconstrueren: de vrouw zorgde voor de commotie en het stelen van de iPhone, maar gaf die dan door aan een of meerdere handlangers. Via de ‘find my iPhone’ app op de iPhone van een politieman kon ik mijn iPhone vergrendelen, maar zag ik ook dat deze reeds was uitgezet.
We hebben aangifte van diefstal gedaan bij de toeristische politie – enkel voor verzekeringsredenen – en hebben daarna in de stad nog rondgewandeld op zoek naar een nieuwe iPhone. Dit bleek me echter wat te duur, dus gaan we Meliena die ons in de Galapagos eilanden gaat bezoeken er eentje laten meebrengen vanuit de states.
In de avond kreeg ik een mail van Apple dat mijn iPhone was aangezet en onmiddellijk geblokkeerd was geworden. Ik heb een email met de locatie naar de toeristische politie gestuurd, maar wacht nog op antwoord. Hopelijk vinden ze de waardeloze iPhone (voor iedereen behalve ik) en kan ik hem gaan ophalen.
Maar we hebben niet op deze email gewacht om de bus te nemen naar Baños, en na een drietal uurtjes zijn we in dit leuke toeristische stadje aangekomen. Onderweg werd de tijd gedood door het kijken naar de franse film Intouchables, weliswaar spaans gesproken en ondertiteld.
Nu zitten we in hotel La Floresta, een aangenaam hotel met ruime kamers 😉
Lessen geleerd vandaag:
er zijn stoute mensen op de wereld
Er zijn ook heel veel goede Ecuadorianen, die belangeloos bij ons bleven om te helpen met vertalen en te getuigen aan de politie.
iPhone vanaf nu bijhouden rond mijn nek, of in zo een belachelijk heuptasje
regelmatig backup doen van iPhone (gedaan), zodat een nieuwe gemakkelijk terug te brengen is tot een kopie van de oude.
benieuwd hoe ik er het van zal afbrengen, twee maand zonder iPhone
er is enorm veel politie op straat in Ecuador, helaas nog niet genoeg.